WOS
Archief

Minder klachten bij Milieudienst Rijnmond

DCMR Milieudienst Rijnmond heeft vorig jaar 18.647 meldingen van overlast door stank en/of lawaai gekregen. Dat zijn er 1940 (10%) minder dan in 2009. Met name meldingen over lawaai namen af. Dat staat in het vrijdag verschenen Milieumeldingenverslag 2010.

DCMR is de gezamenlijke milieudienst van de provincie Zuid-Holland en vijftien gemeenten in het Rijnmondgebied. Volgens de DCMR heeft de gerichte aanpak van de dienst en veel inzet van de bedrijven zelf effect gehad. Jan van den Heuvel, directeur DCMR: "We nemen samen de situatie onder de loep, maar leggen de verantwoordelijkheid voor het verlagen van de milieudruk, dus ook overlast, bij het bedrijf zelf. Onze aanpak stimuleert de bedrijven deze verantwoordelijkheid te nemen en maatregelen te treffen."

Vijf bedrijven komen niet meer terug in de top 10 van structureel overlastgevende bedrijven. Dit zijn C. Steinweg Handelsveem, Prorail, Shell Nederland Raffinaderij, E.ON Benelux Generation en Grondbank IJsselmonde. Ook van Norfolk Terminals Vlaardingen en Vopak Terminal Europoort, uit de top tien van 2009, kwam substantieel minder overlast in 2010.

Het incident met de meeste meldingen in 2010 ontstond door een stroomstoring bij de BP Raffinaderij Rotterdam Europoort. Door deze storing moest BP in mei 2010 om veiligheidsredenen grote hoeveelheden aardoliecomponenten affakkelen. Dit leidde tot 366 stankmeldingen.

De DCMR ontving 5.954 meldingen over vliegtuiggeluid, 395 minder dan in 2009. Vijf frequente melders, melders die 140 of meer meldingen per jaar indienen, dienden 51 procent van het totaal aantal meldingen in.

Categorieen:
Algemeen